Wat zijn ze toch allemaal aan het doen? In de werken van de Duitse kunstenaar Neo Rauch (°1960) zijn mensen voortdurend in de weer. Ze bouwen, tillen, graven, maken iets, verplaatsen voorwerpen of lijken druk met elkaar te overleggen. Maar waarom? Wie zijn die mensen? En wat is hier eigenlijk aan de hand? Een duidelijk antwoord krijg je zelden. En precies daarin schuilt de aantrekkingskracht van het werk van Neo Rauch.
Een wereld die bekend lijkt, maar het niet is
Rauch werd in 1960 geboren in Leipzig, in de toenmalige DDR, en groeide op in Aschersleben. Zijn werken lijken op het eerste gezicht afkomstig uit een herkenbare wereld. Je ziet fabrieken, werkplaatsen, machines, gebouwen en mensen die aan het werk zijn. Toch klopt er iets niet. De tijd lijkt door elkaar te lopen. Oude industriële landschappen bestaan naast elementen die uit een andere periode lijken te komen. Figuren dragen soms kleding die aan de DDR doet denken, terwijl de omgeving tegelijkertijd iets middeleeuws, moderns of zelfs futuristisch heeft.
Rauch behoort tot de kunstenaars die vanaf de jaren 1990 opnieuw volop voor de figuratieve schilderkunst kozen. Zijn werk vertelt geen verhaal dat je netjes kunt volgen van begin tot einde. Er zijn wel gebeurtenissen, maar de betekenis ervan blijft grotendeels aan de kijker over.
Opgeleid om het juiste beeld te maken
Dat Rauch uit Oost-Duitsland komt, is niet onbelangrijk voor het begrijpen van zijn werk. Hij studeerde aan de Hochschule für Grafik und Buchkunst in Leipzig, een prestigieuze kunstacademie in de voormalige DDR. Daar lag de nadruk sterk op vakmanschap. Studenten moesten uitstekend leren tekenen en schilderen. Van freewheelen was geen sprake. De kunst had in de DDR ook een maatschappelijke en ideologische opdracht. Ze moest bijdragen aan het uitdragen van het socialistische ideaal. Kunstenaars werden geacht de wereld niet alleen af te beelden, maar ook te tonen hoe die wereld hoorde te zijn.
Eind jaren 1980 begon het strakke keurslijf van de Oost-Duitse kunst langzaam af te brokkelen. Rauch experimenteerde met abstractie en expressionisme, maar uiteindelijk vond hij zijn eigen weg opnieuw in de figuratie.
Na de val van de Berlijnse Muur en het verdwijnen van de DDR veranderde ook zijn artistieke omgeving ingrijpend. Zijn carrière kwam op gang. In 1993 kreeg hij bij de Leipziger galerie Eigen + Art zijn eerste solotentoonstelling. Die galerie vertegenwoordigt hem vandaag nog steeds, naast de gerenommeerde New Yorkse galerie David Zwirner.
Neo Rauch neemt Museum De Reede over
Wie Museum De Reede in Antwerpen binnenstapt, verwacht misschien vooral Goya, Munch en Rops. Het museum, vlak bij Het Steen aan de Ernest Van Dijckkaai, is volledig gewijd aan grafische kunst en werken op papier: etsen, litho’s, gravures, houtsneden en tekeningen. De vaste collectie concentreert zich rond drie grote namen: Francisco Goya, Félicien Rops en Edvard Munch.
Maar voor Neo Rauch is er opvallend veel plaats gemaakt. Slechts enkele iconische werken uit de vaste collectie zijn tijdens de tentoonstelling blijven hangen.
Terwijl je door de zalen met Rauch loopt, moet je zeker even halt houden bij Félicien Rops. Pornokrates is een van zijn beroemdste werken: een geblinddoekte vrouw, elegant gekleed en voorzien van opvallende blauwe handschoenen, wordt vergezeld door drie kleine varkenspootjes. Het werk is een van de iconische stukken die tijdens deze tentoonstelling in Museum De Reede blijven hangen.
En er is natuurlijk : De Schreeuw. Ook Edvard Munch is nog vertegenwoordigd. Het gaat hier niet om de wereldberoemde, kleurrijke schilderijen van De Schreeuw, maar om de zwart-wit lithografie die Munch in 1895 maakte. Museum De Reede verwierf deze grafische versie in november 2022.
Maar we kwamen voor Neo Rauch !!!!


Het meest ontroerende werk vond ik Stellwerk II uit 2015. Neo Rauch was nog maar vier weken oud toen zijn ouders bij een treinongeluk in Leipzig om het leven kwamen. Hij groeide daarna op bij zijn grootouders.

Op het schilderij zien we een merkwaardige, omgekeerde piëta. De vader houdt zijn zoon in zijn armen: een volwassen man die tegelijkertijd de gestalte van een kind heeft. Rauch brengt zichzelf daarmee letterlijk terug naar het moment waarop hij zijn ouders verloor, een moment dat hij zelf nooit bewust heeft meegemaakt. De vader en moeder zijn voor hem, zoals hij zelf heeft gezegd, als plaatsvervangers of fantomen.
Ook de figuur die tussen de ouders staat, verwijst naar het ongeluk. Het gaat om de bediener van het seinhuis – het Stellwerk uit de titel – en daarmee naar de plaats en de menselijke verantwoordelijkheid achter de treinramp. De urn en andere voorwerpen in het schilderij lijken eveneens naar verlies en herinnering te verwijzen.
Na de dood van zijn ouders groeide Rauch op bij zijn grootouders. Ook dat persoonlijke verleden lijkt in het werk mee te resoneren. Juist daardoor krijgt Stellwerk II voor mij een extra lading: het is niet alleen een surrealistisch en raadselachtig schilderij, maar ook een poging om een gebeurtenis die hij zelf nooit heeft kunnen herinneren, alsnog een beeld te geven.
Het is een werk waar je steeds opnieuw naar blijft kijken. En hoe meer je het dramatische levensverhaal van Neo Rauch kent, hoe meer details in het schilderij zich lijken open te vouwen.
Curator van dienst is Ralph Keuning.
Alle werken in de tentoonstelling zijn in bruikleen van de “Grafikstichtung Neo Rauch” in Aschersleben, de stad waar de kunstenaar opgroeide. Sinds 2012 wordt daar systematisch gewerkt aan de documentatie, verzameling en presentatie van zijn volledige grafische oeuvre. De stichting streeft naar een zo volledig mogelijk overzicht van alle edities en vormt een belangrijk kenniscentrum rond het werk van Rauch.
Gleichgewicht/Evenwicht’ loopt tot 19 oktober in Museum De Reede in Antwerpen.
Alle info : http://www.museumdereede
Een heel goede website trouwens,ze tonen er niet alleen veel maar leggen ook de verschillende druktechnieken uit: lithografie, gravure, ets, houtdruk en dergelijke. Dat vind ik ook bijzonder waardevol, omdat je in veel musea wel een prent ziet hangen met bijvoorbeeld ‘ets’ of ‘litho’, maar nauwelijks wordt uitgelegd wat de kunstenaar technisch heeft gedaan om tot dat beeld te komen.
Tekst : Caroline Neels.
Laat een reactie achter